VERHALEN UIT HET PELOTON. Topsnelheden van profs in de afdaling: "Alles boven 120 is niet normaal"

Bijgewerkt op: 21 mei

Ben jij iemand die na een afdaling meteen op je fietscomputertje gaat loeren naar je maximale snelheid? Wij waren benieuwd welke topsnelheid de (ex-)profrenners halen in een afdaling en trokken op onderzoek uit. Maar wees gewaarschuwd: don´t try this at home!




127 km/uur: Taylor Phinney (ex-BMC en -Cannondale-Drapac): “Het gebeurde in een lange afdaling in de Thüringen-Rundfahrt, een wedstrijd voor de beloften in 2009 of 2010. Sindsdien heb ik die snelheid niet meer gehaald. Het ging ontzettend snel, ja, maar je mag daar als profrenner niet te veel bij stilstaan.”


120 km/uur: Floris De Tier (ex- Lotto NL-Jumbo): "Ik haalde mijn topsnelheid in de Eschborn-Frankfurt Rund um den Finanzplatz, een beloftenkoers. Bij de profs haalde ik die snelheid niet meer, maar vaak reden we toch aan 90 of 100 km/uur naar beneden. Natuurlijk is dat snel, maar het is niet dat je daarvoor kiest. Je moet mee, anders word je gelost. In een lange, steile afdaling kan je die snelheden halen, met gemak zelfs.”



119 km/uur: “Mijn exacte topsnelheid ken ik niet”, vertelt Alexander Kristoff (ex-Katusha, nu Intermarché-Wanty-Gobert), “Het moet rond de 118, 119 of 120 km/uur liggen. Laat ons afklokken op 119. Alles boven de 120 is niet meer normaal (lacht).”


119 km/uur: Tyler Farrar (ex-Dimension Data) haalde in een rittenkoers in het Amerikaanse Colorado zijn topsnelheid. “Ik was nog heel jong, dan doe je wel eens gek”, geeft de Amerikaan toe. “Maar eerlijk: 100 kilometer per uur haal je gemakkelijk in een afdaling van een profkoers. Zeker renners als ik. Ik ben geen klimmer, dan moet je tijd goedmaken in een afdaling en moet je mee met de rest. Vooral in de Ronde van Zwitserland kan het door die lange afdalingen soms heel snel gaan.”


117 km/uur: Laurens De Vreese (ex-Astana) reed in een kopgroep met onder meer André Greipel en Greg Henderson in de Ronde van Luxemburg toen hij zijn topsnelheid haalde. “André won die etappe, ik werd nog in de slotkilometer ingehaald door het peloton”, herinnert hij zich. “Als je zo snel rijdt, schiet er veel door je hoofd. Maar je mag er vooral niet te veel aan denken dat je op dunne bandjes rijdt en amper beschermd bent. 100 kilometer per uur halen is niet zo uitzonderlijk. Dat gebeurt wel vaker als de wind goed zit in een lange afdaling, zelfs in de Vlaamse Ardennen kan je zulke snelheden halen.”



113 km/uur: Zdenek Stybar (Quick Step) verrast ons met zijn topsnelheid, want hij haalde ze tijdens een training in Tsjechië. “Lang geleden”, onthult hij, “toen ik nog jong, onbezonnen en geen vader of echtgenoot was. Dan zoek je al wat sneller de limieten op. Het was op een training, achter de wagen. Nu doe ik dat niet meer op training, maar in koers, als het nodig is, dan ga ik nog heel snel. Maar die 113 km/uur heb ik nooit meer gehaald.”


107 km/uur: John Degenkolb (ex- Trek-Segafredo en -Lotto Soudal) haalde zijn topsnelheid in een rit in de Ronde van Zwitserland. “Het exacte jaar weet ik niet meer, maar die snelheid heb ik sindsdien niet meer op mijn fietscomputer gezien”, vertelt de Duitser. “Wanneer een afdaling lang is en zeer steil kan je heel snel gaan … en dan hoop je vooral dat je niet valt.”


104 of 103 km/uur: Marcel Kittel (ex-Quick Step) weet niet exact wanneer hij zijn topsnelheid haalde, maar het ging wel net boven de honderd kilometer per uur. “Veel te snel”, lacht de Duitser, “voor mij hoeft dat niet. Laat mij maar sprinten.”



12 weergaven0 opmerkingen